VAN DOLLEN DINSDAG TOT DE BEVRIJDING
J.G. Raatgever Jr.

Amsterdam , Uitgeverij „De Telg” : z.j. (1945)



Blz. 11 :[...]
      Hoe dit zij, een feit was het, dat na dezen Dinsdag, die weldra den naam van Dollen Dinsdag verwierf, vele N.S.B.-ers gedrost bleken te zijn.
      „Smeert U m!? Vergeet dan niet zoo'n flesch fijne „Ouwe Gil” in te pakken. Kan van pas komen!”, aldus een advertentie in „De Gil”, het door het Rijkscommissariaat gesteunde pseudo „anti” blad, dat een geheel nummer aan den Dollen Dinsdag wijdde. Ook de volgende aankondigiing in dit nummer was voor de ingewijden allerminst onduidelijk:


ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
ACTUEEL!
                                    De brochure van de week
IK WAS ER ZELF GLOEIEND BIJ!
                        DOOR
                  MAX LINOLEUM 1
Een aangrijpend verhaal, dat beschrijft hoe een gemoedelijk radio-keuvelaar een van onze gewichtigste departementen geheel alleen vier dagen lang verdedigde tegen een geallieerde overmacht, daarbij met een brandende kwestie zes Sherman tanks buiten gevecht stelde, een geheel legercorps Labbekakken met een radiopraatje om den dierentuin leidde en in de leeuwenkooi opsloot, om vervolgens broederschap te drinken met den Hoofdredacteur van de Haagsche Courant.
Leest het verhaal van de man die m niet smeerde!

      En ook werd in „De Gil” reclame gemaakt voor de nieuwste revue: „Show me the way to go home”, door Albert Haas en zijn haastige hazen, met als drie hoogtepunten: Het Verdwenen Departement, Tot Uw Dienst Antwoordt Niet, en Met Onbekende Bestemming.
[...]


Blz. 39 :[...]
      Ook deze oproep sorteerde geen succes en toen de Duitschers wel zagen, dat er met de Haagsche Courant niets meer te beginnen zou zijn, staken zij eenvoudig, door middel van wat explosieve stof den brand in het gebouw 2, onder het motto: als wij er dan geen nut van hebben, zullen de geallieerden er ook geen vruchten van plukken. Terzijde dient hier nog vermeld, dat van Duitsche zijde pogingen in het werk werden gesteld, om de Haagsche Courant te doen drukken bij de nog bestaande Haagsche bladen, te weten Het Vaderland en de Residentiebode, maar ook dat liep op niets uit. Want het personeel van deze bladen weigerde eensgezind, hierop in te gaan, en zoo raakte drie-kwart van den Haag zonder krant. Het Vaderland maakte in dit opzicht een beter figuur dan de Residentiebode, want bij Het Vaderland weigerde men zelfs, abonn's aan te nemen en losse nummers te verkoopen, terwijl de Residentiebode, die dit wl deed, en haar oplaag dan ook sterk zag stijgen.
[...]


Blz. 40 :[...]
      De heer Learbuch, de zakelijk leider van het Persgilde, deed nog de volgende onthulling: Dinsdag 3 was er op de Haagsche krant geen papier. Hij liet weten dat er in Amsterdam honderdvijftig ton papier lag in een pakhuis van Van Gelder, dat op het punt stond in de lucht te vliegen. Het zou per pakschuit naar den Haag worden vervoerd. Het bleek echter dat het te laat zou komen, de H.C. zou daarom het papier van de Gil krijgen dat op de Res. Bode lag. Het papier uit Amsterdam is later bezorgd aan de H.C. Het waren 33 rollen, doch slechts zes ervan werden in het gebouw gebracht. De andere 27 rollen moesten op straat worden gezet, waarop zij werden weggevoerd in een gereedstaanden auto. Waarheen is niet bekend. Het papier was zoek en is nog steeds zoek. Men wilde dus kennelijk het papier sparen voor later en het bedrijf stilleggen.
[...]




[1]Bedoeld wordt uiteraard Max Blokzijl (zeil = „linoleum”).
Marius (Max) Hugh Louis Wilhelmus Blokzijl (* 20/12/1884 , † (gefusilleerd) 10/03/1946) verslaggever/oorlogscorrespondent bij het Algemeen Handelsblad, vanaf 1941 Hoofd van de Afdeling Perswezen van het Departement van Volksvoorlichting en Kunsten, vanaf 1942 Hoofd van het Persgilde, radiospreker in „Ik was er zelf bij!” en „Brandende kwesties”.
[2]Op 29 september 1944.
[3]26 september 1944.



N.B.: © J.G. Raatgever Jr. / Uitgeverij „De Telg” !